Terug

PR blunder: is er niemand bij de ING opgeleid?

Endie van Laar

Bij de ING stapelen de schandalen zich dit jaar op. In maart ontstond er ophef om de exorbitante loonsverhoging van topman Ralph Hamers. Een half jaar later, begin september, werd duidelijk dat ING naar aanleiding van een witwasschandaal met het Openbaar Ministerie een schikking heeft getroffen van maar liefst 750 miljoen euro. Ter illustratie: van dit bedrag kunnen alle Nederlanders een week goed eten. Niet mis.

Nadat dit bekend werd, kon de pr-afdeling van de bank flink aan de bak en al snel kwam ING met de reactie de zaak te betreuren en maatregelen te treffen. Er volgde een ontslag van financieel directeur Koos Timmermans, maar ook een stortvloed van ‘scherpe’ kritiek uit de mond van politici. Terechte kritiek, zou je zeggen.

ING commissaris met gebrek aan schuldbesef

En toen was daar ING Commissaris Henk Breukink. Hij betoogde in het FD van 2 oktober dat politici en de Tweede Kamer het wantrouwen jegens bedrijven in de samenleving voeden. De club van 150 hakt te hard in op de industrie en moet vooral een toontje lager zingen. In een aanvullend interview in de NRC van 4 oktober neemt hij stelling dat politici kooltjes op het vuur gooien, en anticiperen op de publieke opinie voor eigenbelang. Ook zou het hem niet verbazen als de verontwaardiging over ING gespeeld is. Breukink bagatelliseert de ernstige strafbare feiten die ING heeft begaan door, refererend aan de nalatigheid van de ING, de woorden ‘als dingen niet helemaal goed gaan’ te gebruiken. Het lijkt hem aan daadwerkelijk schuldbesef te ontbreken. Hij vindt dat politici niet met vingers moeten wijzen of moeten straffen, maar met een oplossing moet komen. Als een kind die na het krijgen van een straf tegen zijn ouders zegt dat ze hem maar beter moeten opvoeden.

Hoeveel schandalen wilt u hebben

Natuurlijk wantrouwt de Tweede kamer, die (de stem van) de Nederlander vertegenwoordigt, de ING. Het is het tweede schandaal dit jaar en het is bovendien nog maar tien jaar geleden dat het bedrijf miljarden steun nodig had om überhaupt het hoofd boven water te houden. Ook toen beloofde ING beterschap, wat een loze belofte bleek te zijn. Wellicht moeten we de situatie eens omkeren. Met hoeveel schandalen komen Nederlandse politici weg?

Is niemand bij ING opgeleid?

Zou er iemand op de pr-afdeling van de ING bij het lezen van Breukinks opinie ongemakkelijk op zijn stoel hebben gezeten? Er moet toch een telefoontje naar boven zijn gepleegd (of naar beneden) met de vraag: wat is er met die Breukink aan de hand? Heeft iemand hier toestemming voor gegeven?  Bovendien had ‘iemand’ op 2 oktober Breukink gewichtig moeten vertellen dat hij, vanwege zijn functie, niet degene is die het punt had moeten maken. Al is het maar omdat daarmee het daaropvolgende interview in het NRC voorkomen had kunnen worden.

Als pr consultant heb ik menig opinie geschreven. Daarom durf ik met 99 procent zekerheid zeggen dat geen enkele corporate in een politiek gevoelige situatie een dergelijk stuk als dat van Breukink gepubliceerd wil zien. Tenzij, net als op de ING-afdeling die verantwoordelijk is voor het tegengaan van de witwaspraktijken, ook op de pr-afdeling slecht opgeleide mensen werken.

De rol van de media

Omgekeerd moet de journalist van het NRC zich hebben verkneukeld toen hij het interview met Breukink in de krant plaatste. Dezelfde krant die, net als de rest van de media, de wantrouwen voedende woorden van politici publiceert. De vraag die rijst is, wat een journalist moet publiceren en wat niet. Is het de media die het wantrouwen van de samenleving voedt? Een delicaat vraagstuk, dat naar mijn mening ontkennend beantwoord dient te worden.

Wat is wat Endie betreft de essentie van PR?

Share this:

>
Volgende blog Employee advocacy, wat moeten we ermee?