Terug

WAT HET GESMIJT VAN DAFNE ZEGT OVER HET GEBREK AAN ZELFKRITIEK BIJ NEDERLANDERS

Michel Kriek

dafne-na-verlies-olympische-spelen-rio

De Olympische Spelen zijn als het leven zelf, inclusief het bedrijfsleven. Menig onderneming bedient zich maar wat graag van sportieve metaforen om zijn koopwaar aan te prijzen. Dan wordt er nogal eens ‘gejokt om bestwil’, door met een gouden (of oranje) buitenkant te verbloemen wat van binnen de schoonheidsprijs niet verdient. Zo gezegd klinkt het wat stiekem, alleen noem ik het liever onkunde. Het is vooral onze volksaard die verhindert dat we écht kritisch naar ons eigen gedrag kijken. Terwijl klanten, als jij je als autoriteit positioneert, daar het volste recht op hebben. Maar wie durft er steevast onder de loep te liggen bij de immers kritische Nederlander? Wie bijt het verguldsel eraf om te zien wat eronder zit?

Over het paard getild
Om bij de analogie van sport en bedrijf te blijven, vraag ik me af wat ‘we’ eigenlijk van het gedrag van ‘onze’ Dafne vinden? Ik vind dat smijten met spikes namelijk helemaal niks. Telkens als ik de beelden terugkeek, zag ik een over het paard getild kind dat haar zin niet heeft gekregen. Alsof papa haar een gouden medaille had beloofd wanneer ze haar poffertjes zou opeten. Juist tijdens de Olympische Spelen, opgericht voor verbroedering van de volkeren en inzien dat sportieve strijd belangrijker is dan winst, behoor je tegen je verlies te kunnen. Ostentatief het tegendeel bewijzen is een afvaardiging van het ‘keurigste land ter wereld’ onwaardig. Wat dat betreft had de Chef de Mission ook haar meteen uit zijn ploeg kunnen lazeren. Boekhoudkantoor MH vs. TeamNL: 2-0.

Oranje egoturfstekers
Het meest wonderlijke is wellicht dat ik, in het land waar iedereen doorgaans weinig gefundeerd zijn mening spuit, werkelijk niemand hoor over het wangedrag van Schippers. Háár emoties begrijpen we kennelijk wel, collectief. Arme Yuri, denk ik dan. Of misschien zelfs ‘gelukkig maar’, weg bij de onuitstaanbare oranje egoturfstekers. En die vind je overigens niet alleen in de sport. Dat de meeste Nederlandse sportbestuurders zelf vaak niet meer wonnen dan het wijkkampioenschap laagvliegen, kun je googelen. Of we hen voldoende aan de tand hebben gevoeld over ‘het geval Van Gelder’, zullen we nooit weten. Onze samenleving leeft op een immens tapijt, waar al eeuwenlang onverkwikkelijke zaken onder worden geveegd. Wat buiten kijf staat, is dat de straf die de gespierde ringenacrobaat kreeg, vooral in Nederlands-olympische kring goedkeuring vond. Daarbuiten klonk met de dag meer onbegrip en werd er vooral op het gebrek aan professionele begeleiding van de kampioen gewezen, en het om zelfzuchtige redenen weggooien van een behoorlijke medaillekans. Yuri oogde gewoonweg te lelijk.

Rolmodel, weet je nog?
Dafne gooide haar medaillekans niet weg – wél die van haar teamgenoten op de 4×100 meter. De Jamaicaanse was gewoon beter. Waarom die in haar pas vierde 200 meter van het seizoen een perfecte race liep, kun je wat mij betreft het beste aan het Jamaicaanse dopingagentschap (ja, ik weet dat er officieel anti- voor moet staan) vragen. Als je zelf schoon sport en je vermoedt bedrog, kun je daar knettergek van worden. Net als wanneer je zelf op grote schaal gebruikt en toch verliest. Ik snap Dafne’s woede-uitbarsting volkomen. Maar laat je dan gaan op een anonieme plek, onzichtbaar voor met name je jonge fans. Rolmodel, weet je nog? Mede om die reden zou ik ook als sponsor hoogst ongelukkig zijn wanneer ik zie dat die met liefde en zorg speciaal voor Schippers geboetseerde olympische sportschoenen aan al dat geweld worden blootgesteld. Alsof het aan haar Nikes had gelegen. Maar dat was niet zo. En eigenlijk vind ik ook niet dat ze weggestuurd moet worden. Omdat wegsturen ongelooflijk laf is en niets oplost. Ik heb wel minder begrip voor haar gesmijt en haar kinderachtige retoriek na de finale dan voor Yuri’s nachtelijke escapades. Waarom? Louter sympathie. Bijvoorbeeld omdat Nederlanders niet gewend zijn verantwoordelijkheid voor het gedrag van hun medemens te nemen. Anders valt niet te verklaren dat geen enkele begeleider zijn lot aan dat van Van Gelder heeft verbonden én dat Dafnes gedrag louter tot coulance leidde. Vanwege dat hiaat in onze samenleving sublimeren we bij de een, en wenden we ons direct af van de ander. Ook dat zie ik in BV Nederland overal gebeuren.

Weinig vluchtiger dan euforie
Wij Nederlanders zijn een welwillend, maar inwendig matig verbonden volk. Samen staan we eerder zwak dan sterk. Zo resulteert de natuurlijke aanleg van ‘het langste volk ter wereld’ voor teamsporten slechts sporadisch in goud. Erger nog: we blijken amper in staat écht kritisch te kijken naar wat hier misgaat. Ook de vele grapjes die andere aardbewoners over ‘the Dutch’ maken horen we zogenaamd niet. We gebruiken informatie van buitenaf niet of nauwelijks om samen sterker te worden. Toch is de meerderheid van ons over-afhankelijk van bevestiging van buitenaf. Wat een paradox! We willen er zó graag bij horen, maar we weten niet hoe. Vandaar dat het, omdat we in- en uitwendig auditief beperkt zijn, er bij ons en de onzen vooral ‘aan de buitenkant goed moet uitzien’. Bij sport, bedrijf en mensen in het algemeen. Bedenk, voordat de Olympische Spelen in Rio zijn afgelopen, dat in het leven weinig vluchtiger is dan euforie. De ware verbinding, die ieder van ons autoriteit geeft, op welk vlak dan ook, ligt onder dat eeuwenoude tapijt te wachten.

Een wijs man zei me ooit: “In every dark alley lies a golden key.” Ik ben er meteen eentje ingelopen. En dat zou menig sporter, en professional, ook mogen doen. En, ja, hij lag er.

Share this:

Tags

PR
>
Volgende blog Nieuw algoritme Facebook beïnvloedt storytelling